De binnenvaart is een branche met veel verschillende deelsectoren zoals sleep/duw vaart, vrachtvaart, tankvaart, passagiersvaart en veel aanverwante sectoren zoals bunkerboten, werkschepen en kraanschepen.

Alle bedrijven hebben hun eigen specifieke karakter met bijbehorende belastingen, mede door de bijbehorende vaartrajecten. Het scheelt natuurlijk heel veel of u op een tankschip vaart welke dedicated (toegespitst op een product) vaart tussen het Rijnmondgebied en Basel of dat u op een chemietanker vaart met wisselende ladingen in het ARA verkeer (Amsterdam / Rotterdam / Antwerpen), waarbij in alle weersomstandigheden veel activiteiten aan dek zijn, zoals aan en afmeren met staaldraden en tankreinigingen.

Ditzelfde gaat ook op in de vrachtvaart, waarbij op korte reizen vaker het ruim geveegd en/of uitgespoten wordt voor de volgende lading. Bij de duwvaart is het over het algemeen zo dat op de langere reizen u minder aan de zware koppeldraden staat te trekken als wanneer u voornamelijk in een havengebied vaart. De passagiersvaart is weer meer seizoengebonden en daardoor in het seizoen veel drukker met de nodige werkdruk en langere inzet. Daar wordt bijvoorbeeld vaker aan zware loopbruggen getild en staat men op de rand van het berghout ramen te zemen.

Voor alle deelsectoren geldt dat u onder alle weersomstandigheden volgens de hierboven staande regels moet kunnen werken en de tilbelasting of andere fysieke inspanning binnen de daarvoor gestelde normen moet kunnen gebeuren.

Onderstaande slogan wordt te vaak gebruikt en is de oorzaak van veel rugklachten en of andere pijntjes en ziektes, omdat het inderdaad vaak (maar dus niet altijd) goed gaat:

“Eventjes maar,....... niet zeuren, kan geen kwaad,....... ik heb het altijd zo gedaan.....en de vorige keer ging het toch ook goed?!” 

 

Ga naar boven